Alsnog ingrijpen of schuldig verzuim: aan ons de keuze

Persbericht 3 februari 2005

"Ook al graven de machines en wordt het beton tergend als een Tantaluskwelling gestort, het is nooit te laat, echt nooit te laat, om een stad te redden." Dit is geen citaat uit een sociaal-bewogen roman van de jaren zeventig, wel een onlangs door architectuurcriticus Koen van Synghel gelanceerde noodkreet over het Antwerpse Kievitplein (De Standaard, 22 januari 2005). Hij hekelde het gebrek aan stedenbouwkundige moed, waardoor Antwerpen straks opgezadeld zit met een gebouwencomplex voor hoofdhuurder Alcatel dat het hart van de stad nog decennialang 'als een koele hand de keel dicht knijpt.'

Om dit cruciale stadsgedeelte te redden is er maar één oplossing: het concept alsnog aanpassen. "Dit is technisch perfect mogelijk," schreef architect Dirk Thiers (OdU-architecten). "Zowel Alcatel als de stad is meer gebaat met een gedragen project met meerkost dan met een nu al door vele professionelen vastgestelde monstrueuze miskleun." Bedrijfsleider Christian Leysen merkte recentelijk in de Gazet van Antwerpen (18 januari 2005) eveneens op: "De ruimtelijke ontwikkeling aan het Kievitplein dreigt zonder ernstige bijsturingen uit te monden in een doods kantoorgetto."

Naar verdedigers van het project is het met een vergrootglas zoeken. Waarom houden de overheid en de projectontwikkelaar dan halsstarrig vast aan wat zo manifest fout zit?

Het klassieke verweer is dat het project inderdaad voor verbetering vatbaar is, maar dat bij oponthoud van de werken Alcatel zou kunnen beslissen uit Antwerpen weg te trekken. In december 2001 heeft Alcatel immers in een brief aan het stadsbestuur te kennen gegeven dat het Kievitplein enkel mits een duidelijk engagement van het college aan de hoofdzetel in Parijs zou worden voorgelegd als potentiële locatie voor zijn kantoren. Het bestuur verbond daaraan de volgende conclusie: 'Het college zal alles in het werk stellen om aan de voorwaarden gesteld door de nv Alcatel Bell te voldoen' (collegebesluit 6 februari 2002).

Het devies in de discussie over het Kievitplein is sindsdien: wie protesteert handelt lichtzinnig en gaat voorbij aan het algemeen belang. Het is een analyse waar de lokale buurtcomités het moeilijk mee hebben, niet alleen omdat de bewoners nooit een luisterend oor vonden bij een bestuur dat dit belang al te eenzijdig definieert, maar ook omdat ze desondanks veel tijd en energie blijven investeren in het recht trekken van wat zij als krom ervaren. De projectontwikkelaar, daarentegen, negeert de ontstane maatschappelijke wrevel, gaat het debat uit de weg en bouwt verder. Lichtzinnig is wie het stilzwijgen bewaart en doet alsof er niets aan de hand is. Zij die protest aantekenen beseffen goed dat Alcatel de sleutel in handen heeft bij het zoeken naar een oplossing en net als de lokale politici hopen ze dat het telecombedrijf op het Kievitplein blijft. Precies daarom begrijpen ze niet dat het stadsbestuur niet evengoed alles in het werk stelt om een zo gevreesd rampenscenario weg te schrijven. Om alvast pro-actief te handelen dus. Waarom onderzoekt het stadsbestuur geen creatieve uitwegen, nu het project zo onder vuur ligt en zelfs een juridische procedure ertegen werd opgestart? Waarom neemt het college nauwelijks initiatief in het alsnog corrigeren van een reeds bij voorbaat als mislukt bestempeld project (hoe krijgen we dit in godsnaam uitgelegd aan de volgende generatie?)? Waarom legt dit bestuur zich neer bij de eigen onmacht?

Telkens weer luidt het dat een politiek brede coalitie nu eenmaal 'pragmatisch' moet te werk gaan, dat het bestuur geen beloftes wil doen die het niet hard kan maken, dat het geen valse hoop wil wekken door mee naar oplossingen te zoeken en ... dat nu eenmaal de projectontwikkelaar wikt en beschikt. Niettegenstaande de toenemende maatschappelijke druk wordt daarom niets gedaan om een impasse te vermijden. Het gevolg van zo'n houding is dat de droom uit het beleid verdwijnt. De lat wordt zo laag gelegd, dat ook niets doen, bang afwachten, traag handelen of achter de feiten aanhollen als daden van goed bestuur ervaren worden.

Begin november 2004 lanceerden verontruste buurtbewoners een stedenbouwkundig tegenvoorstel om aan te tonen dat het lastenboek van Alcatel en het rentabiliteitsstreven van de projectontwikkelaar toch toelaten dat een Kievitplein-met-meerwaarde ontstaat. Op dat ogenblik was men nog bezig aan de ondergrondse parking. Inmiddels reiken de prefab-betonkolommen op sommige plekken tot de derde verdieping.

Rekening houdend met het feit dat de bouwwerf sinds november sterk veranderd is willen de bewonersgroepen , in overleg met de in de buurt gevestigde B-architecten en Lieven Louwyck (architectenbureau Jo Crepain) , vandaag opnieuw een voorstel lanceren. Niet om er op vastgepind te worden, wel om de verbeelding en de discussie te stimuleren. In dit plan C (van constructief en compromis) blijven niet alleen de geplande volumes behouden maar ook de vijf oorspronkelijke voorwaarden: pleinvorming en doorwaadbaarheid, levendige stedelijke plint, evenwichtige functie-verdeling, interessante en duurzame architectuur, band met de Zoo. Die minima zaten reeds vervat in het door het college in mei 2000 goedgekeurde masterplan 'Kievitplein' van het Rotterdamse architectenbureau MVRDV, maar werden gaandeweg uit het concept weggefilterd.

De ingrepen zijn eenvoudig.
  • Haal een van de vier Alcatelgebouwen weg (dat met de minste vloeroppervlakte én de grootste zichthinder vanuit de Zoo) en compenseer die kantoorruimte door bepaalde andere gebouwen gedeeltelijk te verhogen. Zo creëer je een plein.
  • Maak de twee aan elkaar vastgeklonken hotelgebouwen die nu één lange wand vormen van elkaar los en vervang het kleinste ervan door een appartementsblok (waardoor de woonfunctie verdubbelt). Op die manier ontstaat een tweede open ruimte die samen met de andere vrijgekomen plek het verrassend grote KievitPLEIN vormt --- het hart van de vernieuwde wijk.
  • Verwijder alle entree-volumes en atriums (om doodlopende stegen te vermijden), vervang ze door hoger gelegen verbindingen en voorzie een maximale commerciële en culturele invulling op de gelijkvloerse verdiepingen.
  • Maak verder een tweede ingang naar de dierentuin.

Moge dit plan C de ogen openen. Laten we bovenal zo vlug mogelijk met alle betrokkenen - stadsbestuur, projectontwikkelaar, huurder, planologen, architecten, buurtbewoners - een rondetafel organiseren om te bestuderen welke bijsturingen wenselijk en haalbaar zijn. We slaan een gezamenlijk mea culpa en richten de blik vervolgens op de toekomst. Het Kievitplein en de omliggende straten gunnen we minstens een kans om eindelijk als volwaardige verbinding te fungeren tussen de binnenstad/het HST-station en oud-Borgerhout, Zurenborg, Sint-Willibrordus en de Kievitwijk, waar samen ruim 30.000 Antwerpenaren wonen. Aan de bezoeker (werknemer, toerist, recreant) verlenen we het recht op een eerste-klas toegangspoort tot de genoemde wijken. Laten we een navelstreng voorzien tussen buurten in plaats van een puist op het stadsweefsel en een smet op het politieke blazoen.

Erik Aelbers, Belinda Bruzzese, Edwin Cappelle, Manu Claeys, Jean de Bruyn, Niek Everts, Krisje Frans, Ronald Gestels, Patsy Goderis, Birgit Haepers, Jan Hertoghs, Philippe Huybrechts, Eric Joris, Evelyn Knoors, Anne Provoost, Wim Schramme, Lieve van Daele, Jo van den Hauwe, Maya van Lerberghe en Marleen Wille voor De Ploeg, i.e. de zeven buurtcomités in en rond de Kievitwijk;

Geert Lambrechts, Dirk Lenaerts, Lin Ploegaert, Jos Thijs, Peter Verhaeghe en Noortje Wiesbauer voor StRaten-Generaal