Het nieuwe Kievitplein: een gemiste kans

Een ultiem verzoek tot toekomstgericht handelen (Oktober 2004)

Inleiding

Het is een goede zaak dat het Kievitplein eind de jaren negentig eindelijk een nieuwe invulling toebedeeld kreeg, nadat beslist was dat de HST tot in Antwerpen-Centraal rijden zou. Ook de zeven lokale buurtcomités verenigd in De Ploeg juichen de vernieuwing van deze lang verwaarloosde maar voor Antwerpen uitermate betekenisvolle plek toe.

Ze verzetten zich echter tegen de manier waarop de projectontwikkelaar, in samenspraak met de overheden en de toekomstige hoofdhuurder, dit stukje Antwerpen wil uitbouwen. Antwerpen heeft nood aan een extra hart in volle stadscentrum, niet aan een tweede Brussel-Noord. ‘Een stad is er om in te werken en in te genieten,’ vertelde de vermaarde Barcelonese architect Manuel de Solà-Morales toen hij onlangs in Antwerpen was. ‘Ze is voor passanten én voor hen die er verblijven. Als er geen interactie meer is tussen al die functies, bloedt de stad dood. Vaak zijn projectontwikkelaars onze tegenstanders, omdat ze liever iets opzetten voor een kleine doelgroep’ (Gazet van Antwerpen, 16 oktober 2004).

Het Kievitplein aan de ‘achterkant’ van het station kan een tweede ‘voorkant’ worden (zoals het Astridplein of de Keyserlei) waar heel Antwerpen trots op is en graag vertoeft. Door te kiezen voor een quasi-monofunctionele, pleinloze, gesloten kantoorwijk met lange blinde gevels, doodlopende stegen en een lege sfeer na de werkuren, dreigt de stad hier een unieke kans te missen.

A. Waarom is de geplande invulling van het Kievit-bouwproject niet aanvaardbaar?

Dit is wat Robelco bouwt
Groter
En dit is het tegenvoorstel van De Ploeg
Groter

In 2000 won het Rotterdamse architectenbureau MVRDV een door de NMBS aangevraagde wedstrijd. De opdracht luidde: werk een eigentijds masterplan uit voor de geplande ontwikkeling in de Kievitwijk. Voor vier bouwzones (waaronder het voormalige Kievitplein ofwel zone A) tekende het bureau een intelligent stedenbouwkundig concept, met bijzondere aandacht voor kwaliteitsvolle architectuur, een gemengde invulling en verbondenheid met de omliggende wijk. In mei 2000 keurde het stadsbestuur dit masterplan goed als basis voor de verdere ontwikkeling van het gebied.

Maar vanaf begin 2002 begon het fout te lopen. Vanaf toen verdween de besluitvorming achter gesloten deuren, wat uiteindelijk resulteerde in de beslissing om het wettelijk kader te herformuleren op gewestelijk niveau. In het Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) voor de omgeving van het ‘Kievitplein’ werd het masterplan grotendeels uitgehold. De buurtcomités hekelen uitdrukkelijk dat dit wettelijk kader (= het GRUP, pas definitief vastgesteld op 24 oktober 2003) opgemaakt werd in functie van eerdere verregaande toezeggingen door het stadsbestuur aan de projectontwikkelaar en Alcatel (3 juli 2002), die alle terug te vinden zijn in de uiteindelijke plannen (april 2003), de bouwaanvraag (14 november 2003) en de verleende bouwvergunning (20 februari 2004).

Omdat de correcte gang van zaken werd omgedraaid, stonden de gemeenschap en de door haar aangestelde adviseurs (Welstandscommissie, Gecoro, stadsbouwmeester, districtsraad, gemeenteraad) bij voorbaat buitenspel. Ondeugdelijk bestuur leidde er niet alleen toe dat de rechten van de burger geschonden werden, maar ook dat in de huidige plannen voor het Kievitplein amper nog iets terug te vinden is van de centrale principes uit het door velen positief onthaalde MVRDV-masterplan.

  1. Voor de gehele Kievitbuurt (zone A t.e.m. D) suggereerde MVRDV een maximale bijkomende hoogbouwmassa van 127.440 m² vloeroppervlakte, met veel gestructureerde en uitnodigende open ruimte tussen de gebouwen. Nu komen alleen al op zone A (= het Kievitplein-dat-geen-plein-meer-is) acht bouwblokken met in totaal zo’n 80.000 m² vloeroppervlakte. De bouwoppervlakte bedraagt 8.000 m² op een terrein van 12.000 m². MVRDV voorzag de tegenovergestelde verhouding: 65% open ruimte tegenover 35% bebouwing.

  2. MVRDV pleitte voor een doordacht verweven van functies en activiteiten (één derde wonen, één derde werken en één derde diensten). Concreet betekende dit voor zone A: 4 kavels wonen, 4 kavels diensten (hotel, zoo) en 2 kavels kantoren. Nu komen echter naast de bestaande Copernicuskantoren van de Vlaamse overheid 4 kavels Alcatelkantoren, 1 kavel businesscenter (= eveneens kantoren), 2 kavels diensten (hotel) en 1 kavel wonen. Het effectieve wonen bedraagt slechts 7%, terwijl 30% opgelegd is.

  3. Met vijf parallelle en levendig ingevulde wandelassen dwars door zone A voorzag MVRDV een goede doorwaadbaarheid. In het concept van projectontwikkelaar Robelco zullen de twee noordelijk gelegen wandelassen echter onder- of ongebruikt blijven, want weinigen zullen zich na de werkuren tussen blinde muren willen begeven. Op de andere helft van de zone moet een eenzaam appartementsgebouw doen vergeten dat het eigenlijk om een business- en hotelzone gaat, waarvan de lobby’s gericht zijn naar het station en dus weg van het midden.

  4. MVRDV benadrukte het belang van een goede verbinding met de zoo. Nu is en blijft de dierentuin een gesloten enclave zonder functionele verbinding met de Kievitwijk.

  5. MVRDV wilde de diversiteit in architecturale expressie stimuleren door met verschillende architecten te werken. De opdracht voor de hele zone A ging echter naar 1 architectenbureau. Met als gevolg dat nu een weinig geïnspireerd geheel gebouwd wordt met lichte variatie in hoogte, kleur, materialen, gevelindelingen en glaspartijen.

B. Een tegenvoorstel


Dit wil Robelco van het Kievitplein maken
Groter

En dit is ons tegenvoorstel
Meer simulaties

De Ploeg wil dat alsnog ernstig gekeken wordt naar een stedenbouwkundig compromis uitgewerkt door de buurtcomités. In dat tegenvoorstel wordt geïllustreerd hoe de uitgangspunten van MVRDV, de noden van de toekomstige hoofdgebruiker van de zone (Alcatel), de zuidwaartse ontsluiting van de zoo, de verwachtingen van vele Antwerpenaren en de verlangens van bewoners elkaar niet hoeven uit te sluiten.

Gesteund door o.a. de Antwerpse bewonersbeweging StRaten-Generaal, de Bond Beter Leefmilieu en de Voetgangersbeweging stelden de buurtcomités een uitvoerige nota op en presenteren ze een streefbeeldstudie (een maquette + digitale tekeningen). Bij de opmaak hiervan hielden ze rekening met:

  • een inhoudelijke en vormelijke versterking van de relatie met de omliggende wijk(en) in plaats van het creëren van een ‘lichaamsvreemd’ element dat geen aansluiting zoekt met de omgeving.
  • de belevingskwaliteit van elke plek in het gehele gebied, opdat er geen dode stukken ontstaan. Gestreefd moet worden naar een gezonde mix van functies.
  • een herwaardering van de openbare ruimte. Geef de dichtbebouwde wijk een volwaardig plein en optimaliseer de gebruikersassen.
  • een hoger percentage woningen (18% i.p.v. 7%).
  • de rol van de dierentuin als noodzakelijke en volwaardige partner bij het ontwikkelen van een sfeervol stadsgebied, met bij voorkeur een tweede ingang als verbinding naar de wijk. Nu nog een straatlange blinde muur willen behouden midden in een stad is niet langer verdedigbaar.
  • het maatschappelijk belang van creatieve, hoogwaardige en duurzame architectuur, zowel qua concept als in materiaalkeuze.

DE PLOEG
i.e. de buurtcomités Kievit, Zurenborg, Provinciestraat, Dominicushuis, den Dreihoek, Milisstraat en Van den Nestlei/Baron Joostensstraat