Version Française

“Het grootste bouwmisdrijf van Vlaanderen”

Artikel van Joeri De Bruyn, verschenen in Belgisch Architecturaal Tijdschrift A+193 (april-mei)

21-04-2005

Pendelaars van en naar Antwerpen kunnen iedere dag de vooruitgang der werken volgen: iedere ochtend is de bouwput in de Kievitwijk een beetje meer gevuld. Nadat het buurtcomité De Ploeg een proces heeft aangespannen tegen projectontwikkelaar Robelco, is men ook ’s nachts beginnen werken. Want gedane zaken nemen geen keer.

De Kievit-saga sleept nu al jaren aan. Het is een heuse soap geworden, vol absurde plots en verrassende wendingen. Het is in de eerste plaats een verhaal van politieke onkunde en onbehoorlijk bestuur. Een ambitieus stedenbouwkundig project van MVRDV, resultaat van een architectuurwedstrijd, belandt in de vuilnisbak ten voordele van een tweede Brussel-Noord. Het is ook een verhaal van een buurtcomité dat, zoals de meeste buurtcomités, vol frustratie vecht tegen windmolens, maar dat gaandeweg aan kracht heeft gewonnen. Als kroon op het werk spande De Ploeg een rechtszaak aan tegen projectontwikkelaar Robelco, die op zijn beurt de stad Antwerpen verwikkelde in de juridische zaak. De afgelopen maanden berichtten de Vlaamse kranten en de televisie uitgebreid over het ‘schandaal’. Intussen is Kievit uitgegroeid tot een symbooldossier voor heel Vlaanderen. Nu neemt het dossier een nieuwe wending. Op het moment dat het pleit verloren leek, blijkt er plots welwillendheid te ontstaan bij de projectontwikkelaar om de bestaande plannen alsnog bij te sturen.

De Kievit-saga

Het begon allemaal in 1998. De stad Antwerpen en Eurostation organiseerden een wedstrijd voor een masterplan voor de Kievitwijk, de buurt achter het Centraal Station en de Zoo van Antwerpen. Hier stond vroeger het Switel-hotel, dat tijdens een nieuwjaarsreceptie op oudejaarsnacht van 1994 afbrandde, met vijftien doden en vele gewonden tot gevolg. Ter hoogte van Kievit zou een HST-station komen, dat Antwerpen met Parijs en Amsterdam verbindt. De wedstrijd werd gewonnen door het Nederlandse bureau MVRDV. Het was een gewaagd plan, misschien iets te gewaagd, dat van de Kievitpoort een aantrekkelijke buurt zou maken. Het voorzag in veel open ruimte (65%) en pleinvorming en in een verdeling van 1/3 wonen, 1/3 werken en 1/3 diensten. Om diversiteit te creëren, zouden de gebouwen worden getekend door verschillende architectenbureaus. Rode draad van het masterplan zijn de zichtlijnen. Op elke plek in de nieuwe wijk heb je een goed zicht op de rest van het gebied. Nergens botst de blik op een hoge, anonieme muur. Als kers op de taart werd er een tweede toegang voorzien voor de Zoo, waardoor de wijk van zijn grauwe achterkant zou worden verlost.

In mei 2000 keurde de stad het plan goed. Het college besliste een maand later om een beroep te doen op zijn recht op voorkoop en het grote en centraal gelegen perceel waar het Switel stond, aan te kopen. Een kleine maand later verzaakte het, om onduidelijke redenen, aan dit recht. De koop ging niet door.

Enkele maanden later kocht projectontwikkelaar Robelco een groot stuk grond van de site. “Vanaf dan had Robelco een poot in huis”, zegt Manu Claeys van De Ploeg, “een positie die een jaar later stevig werd versterkt. Alcatel kondigde in december 2001 aan dat het wou verhuizen van Antwerpen-Zuid naar een andere plek, misschien wel naar Mechelen. Er ontstond paniek bij het stadsbestuur. De combinatie van een grote economische speler als Alcatel en een grote grondeigenaar, Robelco, heeft enorm veel impact gehad, en heeft ook veel gedaan gekregen.” Inderdaad, in februari 2002 gaf het college de opdracht om een bijzonder plan van aanleg (BPA) op te stellen “dat rekening houdt met de wensen van Alcatel Bell inzake kantoorruimte en bereikbaarheid” (Collegebesluit van 6 februari 2002).

“In de zomer van 2002 volgde er een principiële goedkeuring door het college van de huidige inplanting van de gebouwen, van de volumes, zelfs van het atrium tussen de vier gebouwen van Alcatel. 90% van hoe het er nu gaat uitzien, werd toen al vastgelegd”, zegt Manu Claeys. “Er was dus een officiële goedkeuring, maar nog geen uitvoeringsplan, laat staan een bouwvergunning.”

Midden 2002 zag de stad in dat het Gewestplan niet zou volstaan om een bouwvergunning toe te kennen. Het Gewestplan kleurde de Kievitwijk in als woonzone. Het dossier werd daarom doorgeschoven naar de Vlaamse overheid, die een nieuw Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan (GRUP) opstelde. “Het wettelijk kader werd dus pas opgemaakt na het gedetailleerde en concreet beschreven concept.”

Toen het GRUP op 24 november 2003 verscheen in het Staatsblad waren alle bouwaanvragen reeds ingediend en was het openbaar onderzoek al gestart. De sloopvergunning en bepaalde bouwattesten waren al verleend. “Hoe kan men een openbaar onderzoek voeren als men niet weet wat het wettelijk kader is?”, vraagt Claeys zich af. “De procedure verliep niet ordentelijk. Het openbaar onderzoek speelde zich af in een juridisch vacuüm. Volgens ons zijn hier zware procedurele fouten begaan.”

sociale acties

“Toen begin 2003 het openbaar onderzoek rond het voorlopig uitvoeringsplan startte, hebben we massaal bezwaarschriften ingediend, die alle verworpen werden. We begonnen met sociale acties, zoals een manifestatie in het Centraal Station. Het Kievitcomité was toen nog relatief zwak, het bestond nog maar pas en moest zich organiseren in een zeer heterogene buurt met een grote chassidische gemeenschap, migranten, grote en kleine bedrijven… De buurtwerking kwam dus moeilijk van de grond. De overheid heeft hiervan handig gebruikgemaakt.”

“Vanaf eind 2002 betrok het Kievitwijkcomité de aanpalende buurtcomités bij de actie. In de aangrenzende wijken opereerden er vrij sterk georganiseerde buurtcomités, die al bestonden sinds de jaren 80 en die gestructureerd waren als vzw. Uit een samenwerking van vier buurtcomités ontstond Van Kievitaal Belang, waaruit later De Ploeg is voortgekomen. Maar ook toen waren we nog lang niet slagkrachtig.”

“De buurt besefte dat ze genaaid was. Er heerste een algemene sfeer van frustratie en moedeloosheid wanneer men zag hoe die machinerie zich ontrolde. Op zulke momenten doet het deugd dat iemand als de Vlaamse Bouwmeester zich ondubbelzinnig uitspreekt tegen de bouwplannen.”

“De zomer van 2004 betekende een keerpunt. Dat hebben we te danken aan de krakersbeweging. De krakers bezetten het oude klooster, dat bedreigd werd door afbraak. Ernaast ligt het Copernicus-gebouw van de Vlaamse Gemeenschap en die had haar oog op de gronden laten vallen. Hier startte de tweede fase van het protest. De eerste fase was een beetje zoals bij vele buurtcomités: veel vergaderen, enkele ‘ludieke’ acties of een betoging, bezwaarschriften indienen. Nu het klooster bezet was, kwamen vele mensen uit de buurt een bezoek brengen. Velen hadden het nog nooit van binnen gezien, en ze vonden het prachtig. Toen de buurtbewoners zagen dat dit mooie klooster en de binnentuin gingen verdwijnen, beseften ze wat de impact zou zijn van een kantoorwijk. Dankzij het klooster werd de bredere interesse gewekt voor het Kievitdossier. Het kreeg een concrete vertaling. Het stedenbouwkundig discours blijft doorgaans immers redelijk abstract en bij termen als ‘doorwaadbaarheid’ en ‘stedelijke plint’ kunnen de meesten zich niet al te veel voorstellen. De Vlaamse Gemeenschap wilde bouwen op de site, en toen begrepen de mensen het: we zullen allemaal onteigend worden, verdrongen door de oprukkende kantoorbouw.”

“Toen hebben we ons bijzonder snel georganiseerd en geprofessionaliseerd. We stuurden persberichten en hielden persconferenties, zetten een goed gedocumenteerde website op poten, stelden dossiers samen, zochten steun bij politici en deskundigen. We hebben mensen die teksten kunnen schrijven, die websites kunnen maken, die thuis zijn in het jargon van de stedenbouw, die tijd en energie willen steken in het opvragen van kadasterplannen, collegebesluiten of mobiliteitsstudies. Verzamelde expertise. We begonnen nauw samen te werken met StRaten-Generaal, een actiegroep die ijvert voor burgerparticipatie, met de Voetgangersbeweging en met de Bond Beter Leefmilieu. Ook Lieven Louwyck van Jo Crepain Architecten en Evert Crols en Sven Grooten van B-architecten, die hier in de buurt kantoor houden, zijn zich gaan interesseren voor de zaak. Zij werkten onder meer aan de tekeningen voor een soort plan B, dat uitgaat van de huidige situatie en onderzoekt op welke manier de plannen nog kunnen bijgestuurd worden.”

“Als we dit niet doen, is het schuldig verzuim. En als we het doen, moeten we het radicaal doen. Daarom hebben we een kortgeding aangespannen tegen projectontwikkelaar Robelco, en daarmee ook impliciet tegen de stad. Ons doel was om de bouwvergunning ongeldig te laten verklaren.”

“De juridische uitspraak is echter geen eindpunt. Wij willen ook dat dankzij deze zaak vergelijkbare situaties op een andere manier worden aangepakt. Na maanden harde actie zie je nu toch meer en meer dat de overheid gaat spreken met deze en andere wijken, en de buurt meer betrekt in de besluitvorming. Wanneer men een appel doet op buurtbewoners, worden de mensen geresponsabiliseerd en zullen ze ook sneller de noodzaak van compromisvorming inzien. Wat overheden en economische spelers nu beschouwen als een bedreiging, kunnen ze ook gaan ervaren als een bescherming. Dat is de grootste les, als dat doordringt, dan hebben we de match gewonnen, ook al hebben we juridisch gezien niet gewonnen.”

Dat was nog voor de uitspraak van het kortgeding. Dat liep af met een sisser. Het werd ingeleid op 2 december 2004. Vlak voor de eerstvolgende zitting dagvaardde Robelco de stad, waardoor het proces nog enkele weken werd uitgesteld. Ondertussen ging men zelfs ’s nachts voort met de werken. Uiteindelijk werd de aanklacht van de eisende partijen – StRaten-Generaal, het buurtcomité Den Dreihoek, die als vzw de Ploeg vertegenwoordigde, en een particulier – op 17 februari 2005 onontvankelijk verklaard. De drie partijen zouden volgens de voorzitter van de rechtbank niet in aanmerking komen om klacht neer te leggen. De klacht van vzw StRaten-Generaal werd niet toegelaten omdat haar statuten te vaag zijn (de groep opereert in heel Vlaanderen en kan geen persoonlijk belang aantonen), die van vzw Den Dreihoek omdat haar statuten te specifiek zijn (het buurtcomité woont in de aanpalende straten en kan evenmin een eigen belang aantonen), en die van de particulier omdat die persoon niet kon aantonen dat zij solvabel is ingeval van een tegeneis.

Die cynische uitspraak is te wijten aan een nalatigheid in de wetgeving. België ondertekende immers het Europese verdrag van Aarhus, dat een bredere toegang garandeert tot de rechtbank voor burgers en verenigingen in dit soort kwesties. Volgens dit verdrag, dat echter nog steeds niet werd omgezet in de Belgische wetgeving, hoeft men geen persoonlijk belang meer aan te tonen om een zaak aan te spannen. Burgers zouden ook het algemeen belang kunnen inroepen.

Door de eis onontvankelijk te verklaren, deed de voorzitter van de rechtbank geen uitspraak over de grond van de zaak. Het vraagstuk bouwmisdrijf of niet blijft onopgelost. Het al dan niet illegaal zijn van het GRUP en de bouwvergunningen blijft een probleem, ook voor toekomstige ontwikkelingen in de buurt. Een probleem voor Vlaams minister Van Mechelen van ruimtelijke ordening. Het kabinet van Van Mechelen beweert trouwens dat er niets onregelmatigs is gebeurd bij het opstellen van het GRUP. Bovendien is volgens de woordvoerder van Van Mechelen het plan van MVRDV weliswaar aangepast, gezien de komst van Alcatel, “maar zijn de principes ervan behouden”.

Redden wat er te redden valt

Toen nam het verhaal een verrassende wending. Na de uitspraak toonde Robelco zijn wil om het project bij te sturen, begon gesprekken met De Ploeg en nam in overleg met de buurtcomités een tweede architectenbureau, het Antwerpse Stramien, onder de arm om de mogelijkheden van bijsturing van het project te onderzoeken.

“Dit is een zeer uitzonderlijke situatie voor Vlaanderen,” zegt Manu Claeys, “een projectontwikkelaar gaat uit eigen initiatief praten met de buurtcomités zonder dat dit juridisch of politiek afgedwongen werd. Een paar weken geleden stonden we nog met getrokken messen tegenover elkaar op de rechtbank.”

De ‘reddingsoperatie’, die op het moment van dit schrijven nog zeer precair is, speelt zich af op verschillende niveaus. Eerst en vooral is er een beperkte aanpassing van het programma van de gebouwen gepland, rekening houdend met de bouwwerken in uitvoering. Zo zouden wonen en horeca een groter aandeel krijgen. Verder wordt op zoek gegaan naar een krachtiger concept voor de publieke ruimte. Veel zal afhangen van het engagement van de overheid. De bijsturingen op het Kievitplein zijn gekoppeld aan de relatie met het station, de Zoo en het Copernicus-gebouw. “De sleutel voor de redding van het Kievitplein ligt in de omgeving”, zegt Manu Claeys. “In combinatie met een verstandige aanpak van die omgeving, kunnen kleine bijsturingen op het Kievitplein zelf toch nog een wereld van verschil maken voor de Kievitwijk.” Vandaar de eis van De Ploeg dat het stadsbestuur werk maakt van een akkoord met deze drie partners (de NMBS, de Zoo, het Vlaamse Gewest).

Om de wijk toch nog leefbaar te houden, moet ervoor gezorgd worden dat zoveel mogelijk mensen gebruikmaken van de openbare ruimte. Daarom zouden de plannen voor het nieuwe HST-station, met onder andere een 400 meter lange winkelstraat, meerdere toegangen moeten voorzien langs de kant van het Kievitplein, zodat het volk er zoveel mogelijk uitwaaiert.

Ook de Zoo zou werk moeten maken van een tweede ingang, aldus De Ploeg. Ondertussen publiceerde de Vlaamse Bouwmeester een Open Oproep voor het hertekenen van de gehele achterkant van de dierentuin, met enkele nieuwe gebouwen en eventueel een tweede ingang.

De derde, meest ambitieuze eis, is dat het Copernicusgebouw, waar de Vlaamse Gemeenschap huist, wordt afgebroken, zodat de buurt meer open ruimte krijgt en het Kievitplein beter bereikbaar wordt voor de aanliggende wijken en Borgerhout. De uittredende Vlaamse Bouwmeester b0b Van Reeth liet zich al vernietigend uit over het gebouw, en adviseerde het af te breken (De Morgen van 26 februari 2005). Volgens Van Reeth kan de Vlaamse overheid zich als ‘voorbeeldige opdrachtgever’ onmogelijk identificeren me het gebouw en met de plek.

Eind maart nam Robelco contact op met de stad, om van de stad het engagement te vragen dat de nieuwe bouwvergunningen, nodig voor de eventuele bijsturingen, snel zouden kunnen worden geleverd. Jan Verhaert, stedenbouwkundig adviseur van burgemeester Patrick Janssens en van schepen van ruimtelijke ordening Ludo Van Campenhout, kon eind maart, voor de deadline van dit nummer, aan A+ verzekeren dat de stad werk zou maken van de bouwvergunningen, en dat zowel de NMBS, de Zoo als de Vlaamse Gemeenschap zouden worden aangesproken. Bovendien vertelde hij dat er een projectmanager zou worden aangesteld voor het hele gebied rond het station, om ook voor de andere stedelijke ruimte rondom tot goede oplossingen te komen. Wordt vervolgd.