Zuurzoet

De Morgen

21-04-2003

Filip Rogiers redacteur
Standpunt

Vlaanderen is met zijn 13.522 vierkante kilometer klein, te klein voor de meest maximale ruimtelijke dromen van al zijn burgers. We willen allemaal véél ruimte om te wonen, véél grond om op te werken en véél groen om te ontspannen. En dat kan niet. Toch niet als de buur dat ook allemaal wil. Dus zijn en blijven ruimtelijke orde, wonen en milieu zowat de grootste kopzorgen van de Vlaming. Bepalend voor zijn goed en vaker slecht humeur. Uit het jaarverslag van de Vlaamse ombudsdienst blijkt, niet verrassend, dat ook vorig jaar weer meer dan 40 procent van de dossiers over de leefomgeving van de Vlaming handelden.

Pakweg 70 procent van de actiecomités in Vlaanderen heeft te maken met ruimte. Het is het terrein bij uitstek waarop relaties tussen burger, overheid en andere actoren – projectontwikkelaars bijvoorbeeld – danig kunnen verzuren. Ruimtelijke orde gaat in wezen over de kern van het samenleven: over de verdeling tussen mijn en dijn, het fijntjes afwegen van eigen- en algemeen belang. Het is daar dat iedereen zich om de aloude palaverboom zou moeten scharen.

Helaas wordt uitgerekend daar vooral door de politiek nog altijd zeer slordig omgesprongen met het kasplantje dat democratie heet. Uitgerekend daar ontstaat veel frustratie naarmate burgers keer op keer te horen krijgen dat de overheid het beter weet. Het primaat van de politiek nietwaar?

Want hoe gaat dat meestal? Overheden maken plannen en schieten in een kramp als er plots bur- gers met vragen en eisen voor hun neus staan. ‘Moeten we die burgers en hun optelsom van individuele belangetjes dan zomaar gelijk geven?’, vragen ze zich verschrikt af. Nee, natuurlijk niet.

Maar het getuigt wel van politieke kortzichtigheid om het fantastische democratische braakland niet te zien dat ligt tussen ‘de burger beslist alleen’ en ‘de burger beslist totaal niet’.

Gisteren hebben buurtbewoners van het Antwerpse Kievitplein getoond dat het anders kan. Een projectontwikkelaar wilde het plein, natuurlijk zonder inspraak, volbouwen met kantoren. De buurtbewoners probeerden dat tegen te houden via de rechtbank.

Lukte niet. Pas daarna hebben ze de projectontwikkelaar toch tot een dialoog – én een aanpassing van de oorspronkelijke plannen – kunnen verleiden, dankzij hun kunde en diplomatie.

De een bewees dat niet elke projectontwikkelaar ‘een betonboer’ is, de ander dat niet elke vragen- de burger een egoïstische grote muil is. Wat niet lukte in de rechtbank, hebben ze toch verkregen door aan politiek te doen in de eigenlijke zin van het woord, door te palaveren tot iedereen rond de boom inzag dat er een oplossing mogelijk was waar ze met zijn allen beter van werden.

Niet alleen werd hier een stukje warme stad bevochten, ook een beetje stedelijke democratie.

Doodjammer – maar zo voorspelbaar als het jaarverslag van de Vlaamse ombudsman – dat uitgerekend de politiek, in casu de Vlaamse overheid, zich inzake het Kievitplein stuurser en dover opstelde dan de projectontwikkelaar.