|
De kreet van de kievit
De Standaard
07/12/2004
OP maandag 29 november 2004 hebben representanten van alle bewonersgroepen
rond het Antwerpse Kievitplein een bouwpromotor in kort geding gedagvaard.
Context: grootschalige kantoorontwikkeling in het hart van Antwerpen.
Stelling: ten onrechte verleende bouwvergunning door de overheid, binnen een
wettelijk ongeldig uitvoeringsplan.
Doel: een leefbare wijk met aandacht
voor evenwicht van functies (werken, wonen, ontspannen) in plaats van een
kantoorwijk die doods wordt na de werkuren. Gemoedsgesteldheid: zenuwachtig,
want een grote projectontwikkelaar en impliciet het stadsbestuur en het
Vlaamse gewest voor de rechtbank dagen is niet vanzelfsprekend.
Wat vernemen de bewoners enkele dagen later? Dat de Vlaamse minister van
Openbare Werken en Leefmilieu voortaan dergelijke rechtsgang onmogelijk wil
maken, want het zouden slechts juridische vertragingsmanoeuvres zijn die het
algemeen belang niet dienen.
Is dit een juiste reactie van overheidswege? De Vlaamse bouwmeester bOb van
Reeth vindt alvast van niet. ,,Het is een lovenswaardig initiatief van de
buurtcomités dat zij op die manier hun rechten opeisen'', zegt hij ( De
Morgen 3 december) . Waarom? ,,Omdat goede stedenbouw betekent dat je aan
het stadsweefsel werkt.''
Net daarom trokken de buurtcomités naar de rechtbank. Niet om te vertragen
en vast te houden aan een bestaande situatie, wel om een toekomstgerichte
omgang met het stedelijk leefmilieu te bespoedigen. Maar ze zien zich
andermaal in de hoek geplaatst van de lichtzinnige klagers die slechts voor
oponthoud en bijkomende kosten zorgen.
Symbooldossier
Zijn dergelijke juridische initiatieven lichtzinnig? En wat heet oponthoud?
Op donderdag 2 december werd de zaak ingeleid bij de Antwerpse rechtbank van
eerste aanleg. Die avond zaten bewonersgroepen en actiecomités van
verschillende grote Vlaamse steden samen op een bijeenkomst georganiseerd
door de Bond Beter Leefmilieu. Ze wisselden ervaringen uit om het intussen
tot symbool verheven Kievitdossier in een breder kader te plaatsen.
Aan rode draden doorheen de getuigenissen geen gebrek: bewoners worden
steevast te weinig en te laat in het beslissingsproces geconsulteerd, de
overheid gaat transparant noch communicatief te werk, de bestaande
inspraakprocedures blijken inefficiënt, politici en projectontwikkelaars
koesteren een fundamenteel wantrouwen tegenover buurt- en
milieuverenigingen. Grootschalige bouwprojecten vormen verder te zelden het
onderwerp van ernstige publieke discussies en bijna nooit van een politiek
debat, maar de krachtlijnen van dergelijke projecten worden door een kleine
kring van investeerders en kabinetsmedewerkers vastgelegd. En wanneer die
met het onderhandelde resultaat naar buiten komen, is er geen ruimte meer
voor wezenlijke veranderingen, enzovoort.
De civiele samenleving (zowel individuele bewoners als Vlaamse ngo's) holt
voortdurend achter de feiten aan bij grote bouw- en wegenprojecten. In Gent
kreeg men onlangs te horen dat de plannen voor de nieuwe stationsbuurt ,,nog
niet rijp genoeg'' waren om in overlegrondes aan het publiek voor te leggen,
terwijl de maquettes ervan al op de website van de NMBS staan.
Aan bewoners in Antwerpen liet de minister van Ruimtelijke Ordening onlangs
verstaan dat niet gecommuniceerd werd ,,tijdens de lopende procedure'',
terwijl de bouwaanvraag voor het gecontesteerde complex al ingediend was.
De dag na de BBL-bijeenkomst kregen de aanwezigen een zoveelste bevestiging
van hun bevindingen te lezen. ,,Natuurpunt verwerpt plan-MER Antwerpen''
kopte Gazet van Antwerpen . De milieugroepering noemde het hoofdrapport van
het plan-milieueffectrapport voor de Oosterweelverbinding onder de Schelde
,,knoeiwerk'' dat geen enkele juridische basis heeft. Het document blijkt
niet meer dan een studie, maar toch wordt de indruk gewekt dat het voldoet
aan de Europese richtlijn en dat men nu een wettelijke grond heeft om het
Oosterweeltracé aan te duiden.
Natuurpunt hekelde verder dat de bewoners- en natuurgroepen alleen het
hoofdrapport kregen om advies te geven, terwijl de stedelijke overheden van
Antwerpen en Zwijndrecht voorafgaandelijk ook de 1.000 bladzijden technische
deelrapporten mochten inkijken.
Wie zal verwonderd zijn als Natuurpunt in de nabije toekomst stappen
onderneemt om dit soort beslissingen juridisch aan te vechten? Verstandige
inspraak
Protesterende burgers zijn doorgaans niet uit op vertraging, wel op respect
voor de wet, voor het leefmilieu en uiteindelijk ook voor zichzelf als
bewoners. Toen Europa het Vlaamse gewest veroordeelde omdat het bij de
heraanleg van de Antwerpse Leien fundamentele rechtsregels had overtreden,
liet het procederende Antwerpse collectief StRaten-Generaal de werken bewust
niet stilleggen, om het maatschappelijke belang van een goede voortgang der
werken. Het punt was gemaakt, zodat de overheid er in de toekomst naar zou
handelen. Dat volstond.
Een overheid die adequate inspraakprocedures bevordert en zelf de wettelijke
bepalingen respecteert, hoeft geen oponthoud te vrezen. Bewonersgroepen
beslissen pas naar de rechtbank te stappen als ze zich gepasseerd voelen of
wettelijke onregelmatigheden willen aanklagen.
De overheid doet dan ook beter aan zelfonderzoek in plaats van de burger nog
maar eens met de vinger te wijzen. Wie op een verstandige manier inspraak
verleent tijdens de planningsfase, zal minder geconfronteerd worden met
gerechtelijke uitspraken tijdens de uitvoeringsfase. Bovendien kunnen
bijtijds gegeven én opgevangen maatschappelijke signalen een steun betekenen
voor administraties en besturen die zelf vaak onder druk staan om (te) grote
toezeggingen te doen aan belangrijke economische spelers.
Manu Claeys
|