|
Bezwaarschrift buurtbewoner 1 tegen plannen Zoo
Borgerhout, 2 September 2005.
Aan de KMDA
Koningin Astridplein 26
2018 Antwerpen.
Betreft: Bekendmaking stedenbouwkundige aanvraag (AN3/2005/B/0441)
Geachte heer Van Eysendeyk,
Ik heb kennis genomen van uw nota bij aanvraag voor een sloopvergunning van de panden nummers 14 tot en met 32, 48 tot en met 72, 78 tot en met 84 van de Ommeganckstraat en de panden nummers 2 tot en met 10 van de Ploegstraat.
Als trouwe abonnee wordt mijn inziens een al te definitieve oplossing voorgesteld voor wat in de aanvraag als een “tijdelijke” terreinbegrenzing wordt gepresenteerd. Aan de problematiek van het dierenwelzijn kan ook op een andere wijze tegemoet gekomen worden. De hier bijgevoegde denkoefening, wil daartoe bijdragen. De sloop van deze woningen die opgenomen zijn in de inventarislijst van stedelijk erfgoed is niet noodzakelijk voor de doelstellingen die u nastreeft.
Tabula rasa maken van de woningen in de Ommeganckstraat is impliciet stellen dat deze façades een beletsel zijn tot de herwaardering van de buurt. Het aangekondigde “Masterplan” wordt niet afgewacht terwijl precies dit plan de afweging zou moeten maken over de noodzaak tot afbraak of creatieve herinvulling ervan.
Ik heb dan ook een bezwaar ingediend tegen de voorgenomen sloop van de blokken 1 en 2 in de Ommeganckstraat in de hoop dat u zich bedenkt. Met uitzondering van het pand met het huisnummer 66 pleit ik ten minste voor het behoud van de façades van deze woningen.
Hier bijgevoegd vindt u de integrale tekst van mijn bezwaar met inbegrip van een denkoefening die ik in de eerste plaats voor de KMDA geschreven heb. U weet bij de Dienst stedenbouwkundige vergunningen kunnen we alleen stedenbouwkundige bezwaren kwijt, terwijl er zoveel meer te zeggen viel.
Denkoefening ZOO
Sloop huizen Ommeganckstraat en Ploegstraat
Ik wil niet ontkennen dat er een poging gedaan werd om de saaiheid van een ellenlange muur te doorbreken maar ook het huidige ontwerp ontkomt er helaas niet aan. Bovendien wordt het voorstel als een voorlopige “tijdelijke” oplossing gepresenteerd. In Antwerpen hebben we veel ervaring met voorlopige oplossingen die dan meer dan een generatie overeind blijven maar dit voorstel rekent in haar voorlopigheid wel definitief af met woningen die opgenomen zijn in de inventarislijst van stedelijk erfgoed.
Verwijzingen naar de strenger wordende dierentuinwetgeving zijn mijns inziens meer dan terecht alleen wordt dit element al te sterk benadrukt om iets te doen dat omwille van het dierenwelzijn niet noodzakelijk is. Natuurlijk gun ik de okapi’s en giraffen méér ruimte maar moet daarom het gehele straatbeeld van de Ommeganckstraat verdwijnen. Ik vind namelijk dat huizen met de pare huisnummers 48 tot 72 een vrij mooi en homogeen geheel vormen dat slechts door 1 pand modernistisch onderbroken wordt. Voor panden 14 tot en met 32 is dit iets minder waar maar ook dat geheel steekt schril af tegen de onpare zijde van de straat waar, mede door recente initiatieven, alle harmonie zoek is. Een lange muur gaat deze troosteloosheid slechts versterken. Om op korte termijn van deze straat nog iets te maken moet behoedzaam omgegaan worden met de pare ZOO zijde.
Vandaar dit pleidooi om precies van deze kwaliteitsvolle gevels gebruik te maken zolang er geen - definitief - waardevol alternatief mogelijk is. Ik zou als bewoner van deze wijk de KMDA willen vragen de volledige sloop van de panden aan de Ommeganckstraat uit te stellen en alternatieven uit te dokteren die deze façades behouden en benutten zodanig dat een saaie muur bouwen met kijkroosters niet nodig is. Er staat immers al een muur van voorgevels.
Het gaat me als abonnee niet om de inkijk vanaf de straat, laat komen kijken gerust betalend zijn. We willen vooral vermijden nog maar eens met een “Kievitplein”-muur opgezadeld te worden. Toegegeven de Ommeganckstraatgevels moeten dan dringend hersteld en verfraaid worden maar de KMDA kan ook de uitdaging aangaan om creatief na te denken over integratie van deze gevelinfrastructuur in de ZOO. Het “Masterplan” is daartoe de ideale gelegenheid.
Aan de zijde van de Ommeganckstraat is het wenselijk het “trompe l’œil” van de gewone 19de eeuwse straat inclusief pseudo inkijkramen te behouden. Aan de binnenzijde van de ZOO zou technisch onderzocht moeten worden hoe deze gevelinfrastructuur als een reusachtig bloemstuk kan benut worden. Daarbij zullen bestaande muren als steunberen noodzakelijk zijn, die dan opnieuw benut kunnen worden om aangepast groen naar boven te werken en eventueel via dakventers en ramen naar de straatzijde te sluizen. Dat is frisser dan een muur met hier en daar een kijkrooster. Zo ontstaat ook voor de dieren een mogelijk speelse afwisseling tussen benodigde oude bebouwing en nieuw groen. Nogmaals het gaat me als abonnee niet om de inkijk vanaf de straat maar toon ook aan de buitenzijde hoe leuk het van binnen is. Aan de hoofdingang is dit in het bijzonder gelukt.
De terreinnivellering zoals voorgesteld door de KMDA voor blok 1 kan ondanks het “trompe l’œil” van de gewone 19de eeuwse straat voor een groot gedeelte gerealiseerd worden. Ik geloof zelfs dat aan de schichtigheid van de okapi’s op deze wijze meer kan tegemoet gekomen worden dan met de voorgestelde muur van 3,5 meter met kijkroosters. Qua hoogte biedt de geveloplossing sowieso meer maar ik vraag me bovendien af hoe het gedonder en gedaver van de tram in de Ommeganckstraat gaat opgevangen worden. Misschien bieden de bestaande kelderruimtes een extra die met eenvoudige terreinnivellering verloren gaat. Ik zou nu reeds metingen uitvoeren naar het getril als gevolg van de passage van de tram alvorens ook hier definitief tabula rasa te maken met de bestaande vertrekken en ondergrondse ruimtes. Misschien ligt de oplossing precies in “hangende” boven op kelders gebouwde terrassen naar de straatkant toe.
Met de afbraak van het modernistisch pand van nummer 66 heb ik daarentegen heel wat minder moeite. Als er ergens een inkijk annex promotieplek zou kunnen gerealiseerd worden is het hier. Het zou de voorbijganger, al dan niet gemobiliseerd, snel de kans moeten geven zich te situeren met betrekking tot de hoofdingang en gebeurlijk parkeermogelijkheid in de nabije omgeving. Deze informatieruimte zou wat in de diepte kunnen liggen waardoor de harmonie van de gevelfaçades van blok 2 niet onderbroken wordt. Ik zou echter niet gebruik maken van een kijkrooster maar stevige glazen kijkmuur achter 1 à 2 meter groen ten einde de graffiti spuiters op afstand te houden. De zijmuren van de nummers 64 en 68 zouden de informatieborden en situeringsplannen kunnen dragen. Wat er achter die glazen wand te zien zal zijn laat ik in het midden. Gaan de giraffen daar over het muurtje kijken?
Ik ben het trouwens maar gedeeltelijk eens met de stelling dat de noodzakelijke uitbreidingen van oppervlakten ten behoeve van het dierenwelzijn uitsluitend in de ringzone rond de tuin kunnen gerealiseerd worden en dan in het bijzonder via het slopen van de woningen in de Ommeganckstraat. Misschien begrijp ik het punt 3 van uw aanvraag verkeerd maar een aantal van de faciliteiten die niet rechtstreeks van belang zijn voor de huisvesting en verzorging van de dieren zou in de te slopen gebouwen kunnen plaatsvinden. Respect voor het historisch patrimonium moet niet beperkt blijven tot het historische hart van de ZOO dat kan ook gelden voor de ringzone.
Het valt me als trouwe abonnee bovendien op hoe gecommercialiseerd de dierentuin wel is en hoe, in mijn opinie, buitensporig veel ruimte besteed wordt aan allerhande horeca activiteiten die slechts tijdens de zomermaanden op volle toeren draaien. Durven we hier echt een percentage ten opzichte van de totale oppervlakte op plakken? Het terras grenzend aan de Ploegstraat, bij voorbeeld, ligt er tijdens het voor en najaar, laat staan tijdens de wintermaanden grotendeels onproductief bij. Ik twijfel niet aan het commercieel succes van een paardenmolen maar zoiets hoort eerder thuis in een pretpark.
Recreatie van die aard is niet de kerntaak van de KMDA. Ik weet het de KMDA is ook een bedrijf en de rekeningen moeten kloppen. Toch zou ik een pleidooi willen houden voor een KMDA die de kerntaken van een moderne ZOO namelijk conservatie, onderzoek, educatie en recreatie verder uitdiept. In deze filosofie zouden cateringfaciliteiten via uitgekiende partnerschappen buiten de muren kunnen gebracht worden. Daardoor zou ondanks de uitstoot een deel van de HORECA inkomsten kunnen terugvloeien naar de KMDA. Bovendien wordt zo de onmiddellijke buurt aangesproken om de trekpleister die de ZOO is, logistiek te ondersteunen. Daardoor wordt de ZOO als bedrijf ook beter ingebed in zijn omgeving en misschien wel de hefboom voor haar ontplooiing en herwaardering. Het komt erop neer het unieke kader van de ZOO te koppelen aan een te ontwikkelen HORECA activiteit buiten de muren. Electronische toegangen zouden de doorlaadbaarheid van de toegang tot het dierenpark en bereikbaarheid van gespecialiseerde HORECA in de omliggende straten moeten verhogen. Op termijn kan dan de catering activiteit binnen de muren afgebouwd worden ten voordele van meer dierenwelzijn in de dierentuin.
Tot die partnerschappen zou ook de uitbouw van lichte bed & breakfest hotel infrastructuur kunnen behoren in die panden die op korte termijn niet meeteen een meerwaarde bieden inzake dierenwelzijn. Zou in samenwerking met hoteliers in de omgeving géén experiment mogelijk zijn om de publieke belangstelling voor overnachtingen met zicht op de ZOO te toesten. Ook hier zou ik willen pleiten voor een behoedzame méérfasige ombouw van de terreinbegrenzing van de ZOO aan de Ommeganckstraat en Ploegstraat tot er duidelijkheid bestaat over de kwaliteitsvolle definitieve invulling ervan. Het aangekondigde “Masterplan” wordt niet afgewacht terwijl precies dit plan een afweging zou moeten maken over de noodzaak tot afbraak of creatieve herinvulling van het bestaande. Zeker wanneer beperkte financiële middelen worden ingeroepen zou het potentieel kapitaal in de te slopen woningen niet bij voorbaat en definitief mogen afgeschreven worden.
Met vriendelijke groeten,
Eric Yperman
Van Leentstraat 17
2140 Borgerhout
|