Info- en gespreksavond: nota

17-03-2004

Context: een stadsdeel op zoek naar open ruimte en gezonde lucht

Borgerhout is een bruisend district waar het boeiend en prettig is om te wonen. Toch zijn er ook onmiskenbaar problemen, die moeten aangepakt worden:
  • Borgerhout is volgens berekeningen de dichtstbevolkte ‘gemeente’ van Vlaanderen. Procentueel wonen hier ook de meeste kinderen en jongeren van de Antwerpse districten. Het gebrek aan open ruimte, groene zones, recreatiegebied en ontmoetingsplekken is groot.
  • Volgens constante metingen van het Vlaamse gewest is de luchtkwaliteit in Borgerhout (meetstation R801) bij de slechtste van Vlaanderen (www.irceline.be).
  • De ringweg vormt een onveilige barrière tussen oud-Borgerhout, nieuw-Borgerhout en Deurne-Noord. De lokale mobiliteit lijdt eronder.
  • Delen van Borgerhout en Deurne-Noord kennen verkrotting, leegstand en hoge werkloosheid. De lokale middenstand op de Turnhoutsebaan heeft het moeilijk.
  • Verschillende leefstijlen en culturen zoeken er moeizaam naar gemeenschappelijkheid.

Een nieuwe invulling van het ringgebied tussen Borgerhout en Deurne zou op al deze vlakken een stap vooruit kunnen betekenen. In juni 2004 wordt het voorontwerp van het ruimtelijk structuurplan goedgekeurd door het schepencollege. Op veel plaatsen in Antwerpen wordt nu al geïnvesteerd in stedebouwkundige uitbreiding, verbeterde infrastructuur en veiliger mobiliteit (‘Werf van de Eeuw’). Borgerhout en Deurne-Noord hierbij over het hoofd zien is meer dan een gemiste kans.

Een nieuwe kijk op de Ring: principes

  1. van longitudinaal of lineair (langs de snelweg) naar transversaal (de snelweg dwarsend; oog voor de lokale doorwaadbaarheid van de zone)
  2. van dominant bovenlokaal naar dominant lokaal gebruik
  3. van dominant verkeersas naar dominant 'groene campus' met verblijfs- en ontmoetingskwaliteiten
  4. van geïsoleerd (ad hoc) naar geïntegreerd (visie)
  5. van homogeen naar heterogeen (functie-invulling)
  6. van gesloten naar open (mentale kwaliteit)
  7. van grijs en grauw/dood geometrisch naar fris en kleurrijk/speels organisch (visuele kwaliteit)
  8. van medisch ongezond naar gezond (luchtkwaliteit)
  9. van dominant luid naar dominant geluidsluw/stil (geluidskwaliteit)
  10. van harde modi naar zachte modi, incluis plaats voor strikte functiescheiding (verkeerskwaliteit)

Dat leidt tot de volgende krachtlijnen

  • Dubbelgebruik van de ruimte door het wegwerken van de Ring (R1) in een tunnel (cfr. Craeybeckxtunnel) en door een groene overkapping (cfr. systeem architect Mark Depreeuw) over de E34.
  • Dominant groen herwonnen stadsgebied, met gemengd karakter. Ruimtelijke verdichting, continu gebruik, verscheidenheid van activiteiten: bevordert de veiligheid. Geen plaats voor restruimtes die anti-stedelijkheid uitademen; wel aandacht voor ecoducten.
  • Een warme plek: oversteekbaar, bereikbaar, geluidsluw ... Plaats voor ontmoeting (een forum), verpozing, verblijf, ... Accent op zachte modi.
  • Lokale bestaande dynamieken versterken. Groene, culturele, residentiële en bedrijfsgerichte assen verder uitbouwen en verankeren door buurtversterkende clusters te vormen met de onmiddellijke omgeving. Op die manier de meest aangewezen plaats zoeken voor woonzones (bv. naast Hof ter Lo en naast buurt Collegelaan), culturele as (bv. Roma tot aan muziekschool), bedrijvenpark aan de periferie (bv. Ooststatie, Plantin en Moretuslei, op- en afritten), moskee (bv. buiten de Bretel, als tweelinghelft van de Peperbus), groen park (bv. naast Oud-Borgerhout bezuiden Stenenbrug: nood daar het hoogst), groene vinger (bv. vanuit Rivierenhof tot aan Donkere Poort), sportterreinen, enzovoort.
  • Qua uitstraling: divers en lokaal. Accentverschuiving van uniform gebruik door één bepaald publiek (gemotoriseerd bovenlokaal vervoer) naar aantrekkelijke diversiteit waar een gemengd publiek iets te ontdekken heeft of betrokkenheid ervaart. Klemtoon op lokale gebruik dat kwalitatief hoogstaand ingevuld wordt (materiaalkeuze, clustervorming, kleinschaligheid, ...). Bovenlokale uitstraling volgt dan vanzelf.

Het proces is belangrijk

Behalve probleemgebieden vormen de wijken rond de zone ook creatieve nesten vol engagement, waar het besef leeft dat de publieke ruimte dient geherwaardeerd als plaats voor belangstelling, ontmoeting en betrokkenheid. De openbare ruimte is een informele plek waar elke bewoner en gebruiker gelijkwaardig is, waar ook ‘de ander’ dus zijn stek moet vinden, of hij/zij nu rijk of arm, sterk of zwak, mainstream of alternatief, autochtoon of allochtoon, enzovoort is.

De Knoop kan een belangrijke rol spelen in een duurzame versterking van de ecologische, sociale, culturele en economische integratie. Alleen al het proces dat leidt tot de verwezenlijking ervan – een proces waarin communicatie in vele gedaanten voorop staat – zal, wanneer dit verstandig en fair verloopt, het lokale maatschappelijke weefsel hechter maken. Onder het motto ‘van voor de mensen naar door de mensen’ (= een elfde principe) laten we ons daarbij inspireren door drie voorbeelden:

a. Stad aan de Stroom: brede discussie over de kwaliteit van de openbare ruimte
Eigenlijk willen we eenzelfde inhoudelijke impact nastreven. Ook Stad aan de Stroom wilde de bestaande kijk op een stedelijk gebied veranderen: van met de rug naar de rivier naar gericht op de stroom. Zo pleiten we voor een Stad aan de Ring, die niet langer de achtertuin van Borgerhout en Deurne is, maar een plek om fier op te zijn en waar men graag vertoeft.

b. Cinema Roma: een lokale dynamiek
Een netwerk van initiatiefnemers en vrijwilligers (geëngageerde bewoners, maar ook zich betrokken voelende privé-sponsors en middenstanders) vormt een nieuwsoortig middenveld dat zich tegen beter weten in maar met veel goesting organiseert rond een impulsproject. Bij de Roma gaat het over cultuur, bij De Knoop om de kwaliteit van de publieke ruimte.

c. De ModeNatie: de overheid als niet-hiërarchische partner
De Mode-academie, de provincie en de privé-sector stonden op gelijke hoogte met elkaar, en konden zo tot een creatief en sterk resultaat komen. Ook bij De Knoop zal de overheid een cruciale partner worden, maar we vinden niet dat de bewoners moeten wachten op een bestuurlijk voorstel of resultaat. De bewoners, de politiek verantwoordelijken en de planners moeten samen het proces afleggen.